Volgens Harold hebben we het mooiste voor het laatst bewaard: een bezoekje aan het Titanic-museum. En nee, de overblijfselen van het gezonken schip liggen daar niet. Maar ja, voordat je daar met frisse moed naar binnen stapt, moet er eerst weer een logistieke militaire operatie plaatsvinden. Uitchecken, huurauto wegbrengen, koffers ergens stallen en met het OV richting museum. Harold was gisteren tot in de late uurtjes bezig met de planning, ik lag om 21.30 uur al horizontaal en volledig uitgeschakeld in bed. Drank, hè. Je kent het wel.
De ochtend begon best vroeg. Om 7.00 uur ging de wekker. Ontbijten, inpakken, opruimen, afwasje doen, vuilnis wegbrengen — het hele ochtendritueel in sneltreinvaart. Daarna mocht ik in alle luxe afgezet worden bij het Titanic Museum. Handig detail: daar kun je je koffers in een kluis stoppen. Ondertussen ging Harold tanken en de huurauto terugbrengen. Knieperds als we zijn (maar alleen als het ons uitkomt), hadden we een ‘early bird’ ticket gescoord. Toegang om 9.30 uur, scheelde toch mooi 5 pond per persoon. En Harold, militair getraind als altijd, stond zelfs ruim op tijd voor de deur. Ik zat toen al relaxed binnen, met een decaf latte in de ene hand en een puzzeltje op de iPad. Vakantie op z'n best.
Aan de foto kun je overigens zien dat het een heel imposant gebouw is. We gaan naar binnen, en jawel: mensen. Véél mensen. En vooral véél informatie. Het museum begint met de industriële revolutie van Ierland, waarna je alles tot in de kleinste details leert over de bouw van de Titanic. Elk boutje, elk klinknageltje, niets blijft onbesproken. Daarna loop je door nagebouwde delen van het schip en wordt het wel duidelijk: voor die tijd was dit écht een knap staaltje scheepsbouw. Oké, het zinken was minder geslaagd, maar hé, details. Het heeft er wel voor gezorgd, zo'n zinkende boot dat Belfast een geweldige toeristenattractie rijker is. Tja, de een zijn dood....
Vervolgens krijg je het beruchte drama van het zinken voorgeschoteld, inclusief het bekende rijtje van gemiste kansen en menselijke blunders:
-
Als de kapitein nou wat eerder vaart had geminderd zodat er voldoende tijd was om te remmen…
-
Als de uitkijk gewoon verrekijkers had gehad…
-
Als de telegrafist van het dichtstbijzijnde schip niet op tijd naar bed was gegaan…
-
Als er gewoon genoeg reddingsboten waren geweest…
- Als, als, als...
Tja, als.
Dan had 72% van de passagiers het misschien overleefd. Achteraf kijk je een koe in z’n kont, maar indrukwekkend blijft het.
Na een paar uur Titanic-educatie staan we weer buiten. Koffers blijven nog even veilig achter slot en grendel, wij richting George’s Market, de grote markthal, die we nog niet hadden gezien. En weer nemen we de benenwagen. Alsof we nog niet genoeg stapjes hebben gezet. Even slenteren tussen de kraampjes — niks gekocht. Zoals een beroemd marktkoopman ooit zei: 'Kijken, kijken, maar kopen ho maar'.
En toen was het tijd voor de ultieme afsluiter: Harold wilde nog één openstaande rekening vereffenen. Die ene Piña Colada bij Revolución de Cuba. Je weet wel, de plek waar we gisteren als een stel pubers zonder ID werden geweigerd. Vandaag revanche. Stipt om 12.00 uur staan we voor de deur — precies op het moment dat ze opengaan. Maar natuurlijk, ook nu weer gedoe: "Hebben jullie gereserveerd?" Eh, nee. "Tja, alles is gereserveerd." Hoe dan, het is letterlijk net open. Maar goed, we mogen aan een hoge tafel bij de bar. Prima, alles voor die cocktail. We bestellen tapas, Harold krijgt eindelijk z'n welverdiende Piña Colada, ik ga voor een Aperol Spritz — het is tenslotte vakantie. Het gebouw zelf is trouwens best imposant.
De muziek staat op standje discotheek, maar ach, we deinen gewoon mee. Wat opvalt: na 1,5 uur is het restaurant nog steeds driekwart leeg. Al die zogenaamd gereserveerde tafels... zal wel. Wij hebben in elk geval genoten.
Daarna de koffers ophalen en richting bus. Dat verloopt iets minder soepel. De bus heeft vertraging, de wachtrij groeit en het geduld slinkt. Dus besluiten we, eigenwijs als wij zijn, te lopen naar het overstappunt. Oh, en ja, we hadden net alweer een busticket gekocht. Zie het maar als onze Wiedergutmachung voor het zwartrijden van gisteren.
Bij het overstappunt ontmoeten we zowaar de eerste Nederlander van deze hele trip. Samen wachten we nog even op de volgende bus — ook die heeft vertraging, maar uiteindelijk komen we gewoon keurig (veel te vroeg) op het vliegveld aan.
We hebben alle tijd om dit verslagje te tikken, rustig op adem te komen en ons mentaal voor te bereiden op de terugvlucht. Als alles meezit, staan we rond 20.00 uur weer met beide voeten op Nederlandse bodem. Belfast: het was mooi, verdeeld en indrukwekkend.
Reactie plaatsen
Reacties