Van duiven op crack tot olifanten met een attitude

Gepubliceerd op 8 oktober 2025 om 20:00

Na een heerlijke nacht worden we iets na 5u gewekt door een duif die, eerlijk is eerlijk, duidelijk aan de crack zit. Hij (of waarschijnlijk zij — dit tempo koeren kan alleen van vrouwelijke toewijding komen) gaat maar door. En door. En door. Pas als wij beiden compleet wakker liggen, vindt mevrouw het blijkbaar welletjes.

Na een halfuurtje bijkomen ga ik douchen. En dát moeten we de Zuid-Afrikanen nageven: zij weten hoe je waterdruk regelt. Het water klettert met zo’n kracht op mijn rug dat zelfs Niagara Falls met lichte jaloezie zou toekijken. Pure hydraulische agressie, maar heerlijk.

Eenmaal aangekleed — het is tenslotte wat lullig om naakt het restaurant binnen te lopen — schuiven we aan voor het ontbijt. Wederom uitgebreid en met keuze uit van alles. Renate gaat voor een omelet, ik neem pancakes. Want we zijn tenslotte op vakantie en mijn sixpack kan dat prima hebben. (ergens, diep vanbinnen, goed verborgen.)

Na het ontbijt is het tijd voor een verwenmomentje: mijn voeten. Die verdienen dat ook wel, want zonder nagelschaartje aan boord beginnen de nagels van mijn grote tenen inmiddels te lijken op werktuigen waarmee je asfalt kunt openbreken. Bij de receptie word ik opgehaald door een ongelooflijk lieve vrouw, drie turven hoog en met een glimlach van oor tot oor. Ze doet alles: massages, manicures, pedicures – waarschijnlijk ook nog de administratie. En terwijl ze mijn voeten vakkundig van hun gereedschapsfunctie ontdoet, praten we honderduit. Ze gelooft in hard werken, goed je best doen en in “the big guy upstairs.” Ik geloof op dat moment vooral in haar magische handen. Pure ontspanning.

En terwijl ik lig te genieten, doet Renate navraag bij onze gasstvrouw Assanda voor een leuk restaurantje voor de lunch. Wellicht een restaurant met uitzicht, op het landschap, de zee, de duinen, kom maar op met je ideetjes. “Oh bij Africanos heb je mooi uitzicht op de fontein!” Dus rond het middaguur zitten wij bij Africanos op het terras. Een ommuurd terras. Met een fontein van maximaal een meter breed die het niet doet. De bediening is vriendelijk, en in afwachting van ons eten trekken we de kaarten tevoorschijn voor een potje Skip-Bo. Renate start furieus, deelt high-fives uit met de bediening en viert alvast haar ‘zekere’ overwinning. Helaas voor haar beschik ik over ongekende Skip-Bo-skills en win ik alsnog. Uiteraard vier ik dat ook even met de bediening — gelijk oversteken.

De lunch is heerlijk, en Renate eist revanche. Die krijgt ze. En ze wint. Ik zeg dat het komt door de plotselinge windvlaag die de kaarten verstoorde, maar dat verhaal houdt nog geen minuut stand.

Daarna is het tijd voor onze massages. Renate eerst, ik een uurtje later. Dezelfde Zoliswa die me eerder al een nieuw paar voeten bezorgde, kneedt nu de rest van me soepel. Als pudding (Malva pudding, om precies te zijn) ben ik klaar voor de avondactiviteit: een gamedrive in het Addo Elephant National Park. Na een ritje van twintig minuten komen we aan. 

Terwijl we wachten, voeren wat brutale aapjes hun eigen circusact op. Ze vechten om een tissue alsof het een Michelin-sterrenmaal is. Leuk om te zien, maar onze gids vertelt dat de medewerkers er minder blij mee zijn: toeristen voeren ze en daardoor worden ze steeds brutaler. Tja, wie de aap voert, krijgt het gedonder. Na de verplichte papierwinkel (bureaucratie is hier net zo’n nationale sport als rugby) mogen we eindelijk instappen. Met zo’n twintig anderen zitten we in een hoge truck en rijden rustig het kamp uit. 

Als we de administratie hebben afgewerkt, en jazeker ook nu voert de bureaucratie weer hoogtij, mogen we instappen. Met ongeveer 20 anderen zitten we in een hoge truck en rijden we rustig het hoofdkamp uit. 

Al snel spotten we de eerste olifanten. Er zijn er over de 700 in de park en de meesten verplaatsen zich in kuddes. Al snel zien we de eerste olifanten. 

Er leven er meer dan 700 in het park, en de meesten trekken in kuddes rond. Renate, die aan de raamkant zit, maakt meteen een nieuwe vriend: een enorm mannetjesolifant die doodgemoedereerd op ons afloopt, haar een knipoog geeft en dan kalmpjes verder stapt. En eerlijk, ik snap ‘m wel. We spotten ook een moeder met haar “kleintje” — zeg maar gerust een baby op formaat Smart ForTwo. Super schattig. 

Verder zien we van alles: Timon (stokstaartje), Pumba (een Wrattenzwijn op gepaste afstand, want die geur), een paar jakhalzen, heel wat vogels, zebra’s. En voor een paar van de volgende foto’s geldt: zoek de beesies!

En jawel: onze nummer 4 van de Big Five — een complete kudde waterbuffels. Eerlijk is eerlijk, naast alle machtige olifanten die we hebben gezien is de kudde buffels die naar het water trekken erg indrukwekkend om te zien. Zoveel kracht en rust tegelijk — en wij genietend op afstand op een heuveltje met een drankje in de ene hand en wat te knabbelen in de andere.

Als het donker wordt, zijn de meeste dieren verdwenen. We rijden langzaam terug richting de ingang, stappen weer in onze eigen bolide en hobbelen richting homebase. Nog even snel wat eten, wat relaxen en dan op tijd naar bed — morgen wacht ons weer een halve reisdag. En hopelijk geen duif op crack.

Reactie plaatsen

Reacties

Marije Jonker
3 maanden geleden

Vet hoor

Caroline Wools
3 maanden geleden

Heb je ze nu allemaal gezien, die big 5?

Manon
3 maanden geleden

Ohhh pancakes, heerlijk! Absoluut mag dat op vakantie! En natuurlijk zijn jullie Malva puddinkjes zo zoet dat jullie zijn. Supergaaf die waterbuffels, bijzondere beesten