Ik heb vannacht heerlijk geslapen. Renate wat minder. Blijkbaar is de Duitse luchtkwaliteit niet bepaald bevorderlijk voor mijn vermogen om níét te snurken. "Ich bin unschuldig," probeer ik nog. Dat klinkt overtuigend, totdat ik eraan toevoeg dat ik zelf nergens last van heb gehad. De rechter zou daar korte metten mee maken.
Net als gisteren staan we weer vroeg op. Op vakantie uitslapen blijkt iets te zijn voor mensen die niet in Duitse hotels logeren. Het ontbijt is opnieuw uitstekend en opvallend rustig. Blijkbaar hebben de overige gasten een gezondere relatie met hun bed dan wij.
Na het ontbijt laden we de spullen in. Odin – onze elektrische strijdwagen – heeft zich tegoed gedaan aan groene stroom en is weer volledig opgeladen. Klaar voor een nieuwe veldtocht.
Vandaag staat Augsburg op het programma. Met ruim 300.000 inwoners is dit toch een serieuze stad. We vermoeden dat we er morgen, tijdens onze doorreis, veel te weinig tijd voor zouden hebben. Achteraf blijkt dat een uitstekende inschatting.
Na een ritje van nog geen half uur parkeren we de auto aan de rand van de stad. Lekker goedkoop. Dat betekent wel dat we nog vijf kilometer naar het centrum mogen fietsen, maar hé, daar hebben we die fietsen tenslotte voor meegenomen. Het alternatief was vijf kilometer lopen en daar had onze stappenteller waarschijnlijk een burn-out van gekregen.
Op de Rathausplatz begint onze twee uur durende stadswandeling. Vooraf sprinten we nog even een MediaMarkt binnen voor wat vakantiebenodigdheden. Ook op vakantie blijkt elektronica kapot te kunnen gaan. De wetten van Murphy nemen namelijk nooit vakantie.
Onze gids stelt zich voor als Manuel Wildmann.
Nee.
Dr. Manuel Wildmann.
Dat "Dr." wordt ongeveer met dezelfde trots uitgesproken als waarmee sommige mensen vertellen dat ze een jacuzzi hebben. En eerlijk is eerlijk: de man weet werkelijk álles van Augsburg. Hij strooit met jaartallen alsof het pepernoten zijn.
Onze groep bestaat uit vijftien Duitsers... en twee verdwaalde Nederlanders. Bovendien loopt er een dame op krukken mee. Terwijl de rest zich afvraagt hoe oud het stadhuis is, vragen wij ons vooral af wie vrijwillig een stadswandeling van tweeënhalf uur op krukken boekt. Duitsers blijven een fascinerend volk.
Vanaf het Rathaus kijken we uit op een imposante fontein met keizer Augustus. Niet toevallig de naamgever van Augsburg. Ooit stond hier een Romeins legerkamp. Eigenlijk is de stad dus begonnen als een militaire basis en geëindigd als een bestemming voor toeristen met comfortabele wandelschoenen en een hervulbare waterfles.
Al snel gaat het verhaal over Jakob Fugger, beter bekend als Fugger de Rijke. De man was zó rijk dat historici zijn vermogen tegenwoordig vergelijken met dat van Bill Gates. Alleen dan zonder Windows-updates, Teams-vergaderingen en aandelenkoersen die je humeur bepalen.
Onder de familie Fugger beleefde Augsburg haar gloriedagen. Keizers als Maximiliaan en Karel V kwamen er graag over de vloer. Je zou bijna denken dat de Fuggers destijds de VIP-lounge van Europa runden. Op de rechter foto hieronder zie je een deel van het enorme wooncomplex van de Fugger's.
Maar zoals dat gaat met wereldrijken: op een gegeven moment stort de boel in elkaar. Het keizerrijk dondert om, Augsburg verliest langzaam zijn invloed en de geschiedenis gaat weer vrolijk verder. Zelfs toen gold blijkbaar al: wat omhoog gaat, komt ooit weer hard naar beneden. Vraag dat maar aan de aandelenmarkt.
Onderweg passeren we het beroemde watermanagementsysteem van Augsburg. Drie snelstromende smalle kanalen lopen dwars door de stad en leveren nog altijd energie aan duizenden huishoudens. De Duitsers deden dus al aan duurzame energie toen wij nog dachten dat een windmolen uitsluitend bedoeld was om graan te malen.
Het hoogtepunt is zonder twijfel de Fuggerei. Je raadt nooit wie die heeft gesticht. Goed... je raadt het wél.
Jakob Fugger.
In 1521 liet hij hier de eerste sociale woonwijk ter wereld bouwen. Tot op de dag van vandaag wonen er mensen en bedraagt de kale huur... € 0,88 PER JAAR.
Ja, dat lezen jullie goed: per jaar!!
Voor dat bedrag mag je in Nederland nog niet eens nadenken over een woning.
Natuurlijk betaal je inmiddels ook gas, water en licht, maar toch. Het blijft een bizar idee. De wijk is bovendien volledig ommuurd en om tien uur 's avonds gaan de poorten dicht. Kom je later thuis, dan moet je een goede reden hebben en een euro betalen (dat is meer dan de huur voor een heel jaar).
Na ruim tweeënhalf uur geschiedenis, keizers, bankiers en waterwerken vinden wij het wel mooi geweest. De hersenen zitten vol, de maag is leeg. Dat kan maar op één manier worden opgelost: lunch.
Als dessert kies ik voor de lokale specialiteit: appelbeignets.
En natuurlijk ziet Renate daarin direct een uitgelezen kans om de bediening uit te horen over hún recept. Er volgt een uitgebreid culinair vergelijkingsonderzoek waarbij uiteindelijk diplomatiek wordt vastgesteld dat zowel de Duitse als Renates versie uitstekend door de keuring komen. Iedereen tevreden. Internationale betrekkingen hersteld.
We nemen nog een kijkje in de prachtige Sint-Annakerk, bewonderen de indrukwekkende fresco's en lopen nog even door de WO-II-schuilkelder bij de Fuggerei.
Daarna zijn onze benen, voeten én hersenen het roerend met elkaar eens: het is mooi geweest.
Terug naar Odin, terug naar het hotel. Augsburg bleek niet alleen een stad met een indrukwekkend verleden, maar ook een plek waar je na één middag begrijpt waarom een keizer af en toe gewoon even wilde gaan zitten.
We besluiten bij de plaatselijke Griek een paar klein gerechtjes te bestellen en die lekker in het appartement op te peuzelen. Al met al wederom een geslaagde dag!
Reactie plaatsen
Reacties
Leuk en leerzaam verhaal, leuk.
👍
Weer Grieks? Het is wat. Wel weer een mooie dag! Wat was de stand van de stappenteller?